Kandidatuur van Everberg voor Dorp op Stap
24 - 01 - 2010


 



Waarom zou Everberg een geschikt dorp zijn?

Op zichzelf is Everberg één van de mooiste landelijke gemeentes van Midden-Brabant (Ja, enig chauvenisme mag wel, als je fier bent op je dorp). Het dorp heeft nog veel bossen, heuvels, schilderachtige landschappen, oude gebouwen met een boeiende geschiedenis, o.m. het kasteel de Merode, eigendom van de familie die o.a. aan de oorsprong van België stond en waar Montgomery in 1940 en 1944 logeerde, een bijzondere kerk gerestaureerd door architect Hendrik Beyaert, een Friese melkerij omgevormd tot een originele Engelse winkel, ...

Hieronder volgt een stukje geschiedenis en een reeks van foto's van Everberg.

Geschiedenis

In de tijd van de Romeinen liep er door Everberg een belangrijke heirbaan Brugge-Keulen. waar talloze gebruiksvoorwerpen teruggevonden zijn. Een oorkonde uit 1112 sprak reeds over "Eversberg". In dit oudst teruggevonden document schonk bisschop Odo van Kamerijk het "altare" van Everberg aan het Gasthuis van Leuven, gesticht door Graaf Hendrik III van Leuven (1079-1095). Men beschreef in latere eeuwen Everberg "als de schapraye van het Gasthuis van Leuven". De akte van 1112 is de oudste akte van het Gasthuis van Leuven. De Meesteres van het Gasthuis kreeg het recht om de pastoor van Everberg voor te dragen, die eerst door de bisschop van Kamerijk en later door de bisschop van Mechelen werd benoemd. Het Gasthuis ontving de inkomsten van de kerk en de tienden te Everberg, en moest instaan voor de herstellingen aan de kerk en aan de pastorij. De tienden werden verzameld in de tiendenschuur, de grote schuur van het Gasthuishof. De pastoor van Everberg kreeg van het Gasthuis een competentia of een vergoeding of een jaarlijkse wedde.
De patroonheilige Sint-Martinus wijst op de hoge ouderdom van de kerk van Everberg, die zeker teruggaat tot de 8ste eeuw. Sommigen beweren zelfs dat Everberg de moederparochie voor de streek was van waaruit andere parochies gesticht werden.

 
Kasteel de Merode

Het kasteel de Merode is een heropbouw van het Hof van Montenaken en werd in de 16de eeuw gebouwd. Het telt drie afzonderlijke gebouwen: één voor de familie, één voor de dieren, en nog één voor de werklui en de stalling van koetsen. Wanneer Louise-Brigitte huwde met Filips-Frans de Merode kwam het kasteel in bezit van de familie de Merode. De invloed van deze familie op Everberg was groot, o.a. door het beheer van een groot deel van de Everbergse bossen en de landerijen, waardoor het dorp heel landelijk is gebleven, en door hun rechtstreekse deelname aan het kerkelijk en administratief beleid van de gemeente. Heden is de familie de Merode nog steeds eigenaar van het kasteel, gelegen langs de Prinsendreef, en de omliggende bossen.

 
Het Biesthof

Het Biesthof is een pachthof dat gelegen is op de hoek van de Steenhofstraat en de Bankstraat en was jarenlang de kasteelhoeve van het kasteel de Merode. Een biest was een plaats waar biezen groeiden, een vochtige plek of poel, en de hoeve werd aan deze biest gebouwd. Het bestond oorspronkelijk uit twee woningen die in de 14de eeuw werden samengevoegd. Boven de ingangsdeur wordt het getal 1647 vermeld als bouwjaar van het huidige pachthof. Op het einde van de 17de eeuw kwam het in handen van de prinsen de Rubempré. In de 19de eeuw hebben er twee burgemeesters gewoond en was het een tijdje zelfs een vrije school. De jongste 10 jaar hebben diverse eigenaars heel wat restauratiewerken uitgevoerd. Vandaag is het Biesthof nog steeds een pachthof.

 
De IJskelder

De ijskelder ligt in de Prinsendreef langs de noordzijde van een droge beboste heuvel. In de 19de eeuw was de beste bewaringsmethode het gebruik van ijs, dat in de winter uitgehakt en opgeslagen werd in de ijskelder. De ijskelder is terug te vinden op de kaart van Vandermaelen van 1830 en in de erfenisaangifte van 1841 van graaf Werner de Merode. Dit is mogelijk een eerste ijskelder. De huidige zou gebouwd zijn tussen 1840 en 1850 door Graaf Amaury de Merode. Het is een cilindervormig metselwerk van bij de 6 m diep met een doormeter die aan de bovenzijde evenveel bedraagt . Bovenaan is de ijskelder overkoepeld. Onderaan is de ijskelder conisch. Een gang van 5 m biedt de toegang. Daarin zijn twee deuren als sas aangebracht In deze ijskelder kan men 80 stortkarren of ongeveer 70 kubieke meter ijs opslaan. Het ijs werd rond 1900 gebruikt voor dranken en gerechten op het kasteel en voor geneeskundige zorgen, die toegediend werden door de zusters Annunciaden van Everberg. De gemeente restaureerde de ijskelder, die eigendom is van de prinselijke familie de Merode, in 1989.

 
De Sint-Martinus kerk

De kerk van Everberg is oorspronkelijk een Romaanse kerk. Het onderste gedeelte van de toren herinnert hieraan. De kerk diende, zoals de meeste kerken, als gebedplaats voor de plaatselijke bevolking. De kerk was een vicus- of een gemeenschapskerk, geen eigen kerk of hofkerk. De Sint-Martinus kerk staat in het centrum van Everberg. Binnenin de kerk vind je kruisgewelven en ook grote ramen van glas-in-lood. Door deze kenmerken kan men dus besluiten dat deze kerk in gotische stijl gebouwd is. In de kerk vind men ook een reliekschijn van Sint-Martinus. In de 14de eeuw kwamen er het koor bij in laatgotiek met de Brabantse steunberen en de noordelijke kruisbeuk met de O.L.Vrouwkapel. In de 17de eeuw werd het bovenste gedeelte van de toren herbouwd. In 1773 waren er plannen van J.B. De Ronde voor de vergroting van de kerk, maar van uitvoering was er geen sprake. De kerk was in de 19de eeuw in een rampzalige toestand. Gravin Louis de Merode, de schoonzuster van Graaf Amaury de Merode stelde in 1881 71.000 frank ter beschikking om de kerkrestauratie mogelijk te maken. In 1893 was de nieuwe kerk klaar. De werken werden uitgevoerd onder leiding van architect Hendrik Beyaert (de man van het briefje van 100 BEF) en architect Paul Hankar. Aan de kerk waren twee kapelanijen (of altaren) verbonden: de Zielenkapelanij en de Kapelanij van Sint-Jan en O.L.Vrouw. Op het einde van de 19de eeuw werd de kerktitel uitgebreid tot Sint-Martinus en Sint-Ludovicus, deze laatste was de patroonheilige van graaf Louis de Merode, die belangrijke sommen geschonken had voor de restauratie van de kerk door de architecten Beyaert en Hankas. Tegenwoordig heeft er minstens nog één misviering per week plaats. Tijdens de hoogdagen en op feestdagen verzorgt het vrouwenkoor "De Everaert Ghesellen" de gezangen, en soms hebben er ook concerten plaats.

 
Hof van Grave


In de Kwikstraat stond in 1564 een speelhuis of klein kasteeltje, het Hof van Grave. De familie van Grave of de Grez was er al sinds de middeleeuwen een belangrijke adellijke familie. Maria-Anna van Grave huwde met Juste-Philibert de Spangen, baron van Herent. Door een erfenis ging het kasteel over op de graven de Gage en op de familie van der Linden, baronnen d’Hoogvorst. Op het einde van de 18de eeuw was dit gebouw de eigendom van Nicolas Blairon uit Frameries in Henegouwen. Hij vestigde er een school. In 1886 vestigde Jan-Baptist Jossa, "Tiske de Scheper", zich op deze hoeve. Hij hoedde zijn eigen schapen en de schapen van het kasteel de Merode. Het 16de eeuws speelhuis werd gerestaureerd en omgevormd tot een tweegezinswoning.


Maar Everberg is niet alleen toeristisch een heel mooi landelijk dorp, het is ook een plaats met nog een echt dorpsleven.

Niettegenstaande Everberg weinig handelaars heeft, is het toch een dorp dat echt leeft en tradities heeft, waar het verenigingsleven heel actief blijft en waar de inwoners de handen uit de mouwen steken wanneer een aktie ondernomen wordt. Getuigen hiervan zijn o.m. "Kortenberg Leeft", wanneer Everberg voor de organisatie instaat, de jaarlijkse grote rommelmarkt, de succesvolle kerstmarkt, de betoging voor priester Borremans.

Kortom, wanneer er in Everberg iets te doen is, dan bruist het van de activiteiten en de originele ideeën. Alle verenigingen, zoals de Brassband, het zangkoor, de dansgroepen, de Turnkring, de KVLV, Chiro Flurk, de Jeugdclub Den Uyl, de Imkersbond, ... werken allemaal mee.


Hierbij gevoegd nog enkele links naar foto's die deze activiteiten weergeven.


Wij gaan ervoor!

Niettegenstaande het intense en rijkelijke verenigingsleven moeten de inwoners van Everberg voor klassieke muziek meestal naar Brussel of Leuven. Soms is er een klassieke concertuitvoering in de Sint-Jozefkliniek of Oude Abdij van Kortenberg, of in de Sint-Amanduskerk van Erps, en ieder jaar is er ook in Everberg wel één of meerdere muziekmanifestaties (met de fanfare, een gelegenheidsorkestje, één of meerdere koren) in de kerk, parochiezaal of feestzaal.

Maar de parochiekerk is zeker een ideale plaats, omdat de accoustiek heel degelijk is. In het verleden werden er in deze kerk reeds meerdere concerten met koren en orkesten gegeven en waren er zelfs orgelconcerten te beluisteren op het "Van Bever"-orgel, dat in 1885 een "Médaille d'Or" in ontvangst kreeg.

Als acties om promotie te voeren dachten wij niet alleen aan de klassieke persmiddelen, maar ook aan onze eigen mogelijkheden. Everberg beschikt immers ook over een heel druk bezochte website (http://www.everberg.tk) die dagelijks bijgewerkt wordt en een elektronische "Nieuwsbrief Everberg" (http://www.lodequintens.be/nieuwsbriefeverberg100125.htm), die iedere maandagmorgen verschijnt, en waarin het reilen en zeilen van het dorp weergegeven wordt met bijdragen en foto's van de inwoners (tja, indien de echte pers niet altijd actief genoeg is, moet Everberg het zelf doen).

Flyers en facebook zijn ook klassieke middelen, maar bovenal rekenen we op de mogelijkheid om via de Everbergse Verenigingsraad alle verenigingen massaal te mobiliseren en om hun bijdrage te vragen en om dit te doen met de nodige fantasie en originaliteit zodat het een echte promotiestunt wordt.

En met een enthousiast jeugdteam (de jeugdvereniging en jeugclub van Everberg) en met SMS-jes zullen vrienden en kennissen, ook uit andere gemeenten, kunnen gemobiliseerd worden. De jeugd warm maken voor de klassieke muziek moet lukken. Wij zullen bewijzen dat klassieke muziek niet alleen ouderen maar ook jongeren kan boeien.

Als onze kandidatuur weerhouden wordt, gaan we ervoor!
 
 

Veel groeten van de schrijvers

Marc Van Ooyen en Hendrik Trappeniers